Guillaume Pool


De kunst van het klagen

De mensheid wordt verdeeld door taal en godsdienst, die onontbeerlijk schijnen te zijn bij het verdelen van de koek. Mijn oma heeft bijna het tegendeel bewezen, ze was godsdienstloos, bijna taalloos en toch leefde ze in een ongedeelde gemeenschap en ze straalde van geluk. Het ergste wat echter een land kan overkomen is toch het samenvallen van de scheidingslijnen, godsdienst, etniciteit, huidskleur, taal, tongval, politieke kleur en haarsoort. In zo’n prachtig land ben ik toch geboren en ik heb nooit een burgeroorlog hoeven te voeren. De enige burgeroorlog die we kennen ging om de goudreserves van de Centrale Bank.
Suriname schijnt zich in alle opzichten te onderscheiden. De synagoge staat op hetzelfde terrein als de moskee en met een bevolking van nog geen 500.000 zielen slijten we dagelijks 17 talen. De vrede blijft ondanks alles gehandhaafd, dankzij de officiële taal, die van de kolonisator geleend is om te dienen als de kleinste gemene veelvoud. Toch lukt het bijna elke taalgroep om een eigen politieke partij op te richten, vele tempels voor de religieuze stromingen, een eigen radio-omroep en natuurlijk een eigen televisie station met dag en nacht films uit het vermeende moederland. Alleen de indianen doen niet mee, waarschijnlijk omdat ze wijs zijn en bovendien geen vermeende moederland kennen. Ik realiseer me dat ik een verboden woord gebruik voor deze oorspronkelijke bewoners. Wat vroeger zo mooi, makkelijk, eenvoudig en vanzelfsprekend was kan nu leiden tot een nieuwe coup. Zo waarschuwde onlangs een vriend, dat ik het woord Marron moet gebruiken, in plaats van Saamacca, Ndyuka, Kwinti etc. Ik pakte toen een etymologisch woorden boek open en zocht de oorsprong van het woord marron. Ik schrok wel: van het Spaans woord Cimarron, dat weggelopen vee betekent. Zullen ze het weten. Soms kan je beter van een vermeende scheldnaam een koosnaam maken.
In Suriname is toch een stille taalstrijd aan de gang. In 1962 werd een woordenlijst van het Sranan opgesteld. Dat zou zo goed zijn voor het volk om het eigene te conserveren. De andere groepen vroegen ook om een woordenlijst, dus trad er een stilte van chauvinisme of nationalisme op. In 1986 zijn geleerde mannen aan het werk gegaan voor een nieuwe poging om het Sranan tot een taal te maken: de Surinaamse taal. Toen de spelling als officieel gepubliceerd moest worden, kwam de politiek melding maken van de dreigende burgeroorlog. De verbroederingspolitiek trad opnieuw in werking. Er trad een taalstilte op, die nog steeds duurt. Van tijd tot tijd ondernemen schrijvers en fanaten een poging om via een brede maatschappelijke discussie, Suriname toch een eigen taal te geven. Men vraagt tenminste om een poging tot taalpolitiek, taalwisseling, taalstrategie, taalpragmatiek, taaloperatie, of taalcoup. Je moet je niet voorstellen, dat Suriname in alle eeuwigheid zal worden opgescheept met het Nederlands dat nauwelijks meer bestaat, opgevreten door het Engels of de straattaal van Amsterdam. Eenmaal het Zuid Afrikaans is meer dan genoeg. Een goede vriendin die over mijn schouder meeleest adviseerde mij om de Surinaamse politiek te interesseren voor het subsidiëren van de wakamantaal van Amsterdam, want dat is de taal van de toekomst, de taal die momenteel ontwikkeld wordt door mijn Turkse en Marokkaanse soortgenoten, de taal voor Suriname. We zijn straks allen Allochtoniers.

 

 

Guillaume Pool


Terug naar vorige colums (of andere tekst)

 

 
TALENT IS TE VORMEN!! Copyright ©, 2006 www.bukutori.org