VAN HEN KUN JE LEREN
Dit is een rubriek, waarin auteurs worden geinterviewd. Onderwerp is altijd een boek, de inhoud en het schrijfproces.
Deze keer!
EVA VERSTOEP INTERVIEWT ASTRID H. ROEMER VOOR DE IKONRADIO OVER ROEMERS AUTOBIOGRAFIE ‘ZOLANG IK LEEF BEN IK NIET DOOD'. Een schriftelijke weergave.
Eva Verstoep : Astrid Roemer, u heeft een biografie geschreven, een autobiografie getiteld ‘ Zolang ik leef ben ik niet dood' ; met het oog op de titel al vroeg ik mij af: u bent 57, is het niet te vroeg om nu al een autobiografie na te willen laten?
Astrid H. Roemer : Ik publiceer sinds mijn 17 de . En als ik zo tegen de helft van mijn leven aankijk en op de andere helft terug, dan lijkt het mij niet te vroeg om mijn eigen privé-bestaan op papier te zien vibreren.
Eva Verstoep : En hoe heeft het uitgepakt?
Astrid H. Roemer : Toen ik mij voornam mijn autobiografie te gaan schrijven heb ik tegelijk bedacht, dat de inhoud zo danig moet zijn, dat ik werkelijk binnenste buitenste ga. Dus hoe het heeft uitgepakt: enerzijds verschrikkelijk; maar ik zou de ervaring niet hebben willen missen.
Eva Verstoep : In uw boek komen allerlei ‘grote levensvragen' voor. Welke daarvan gaan we vandaag bespreken?
Astrid H . Roemer : De vraag die er het meeste toe deed voor mij bij het schrijven van het boek namelijk: Waar Is Ware Liefde Gebleven? Waar houdt Ware Liefde zich op? Een verhouding, welke in stand werd gehouden door Ware Liefde is voorbij, maar wat gebeurt met het ‘grote gevoel'. Want indien Ware Liefde eeuwigdurend is: hoe brandt het vuur dan verder in mij. Wat gooi ik erin om het wakker te houden?
Eva Verstoep : Ware Liefde houdt niet op maar een verhouding wel: hoe zit dat?
Astrid H . Roemer : Dat is de kern van de vraag en van het boek.
Eva verstoep : Sinds wanneer leeft die vraag bij u?
Astrid H. Roemer : De vraag heeft mij besprongen zo rond mijn 40 ste . Toen ik mij realiseerde, dat ik niet terug ging naar Suriname en compleet ingesloten was geraakt door vrouwen…
Eva Verstoep : Hoe bedoelt u?
Astrid H. Roemer : Ik sta op een morgen op en denk: Wat vreemd, ik ga alleen nog maar met vrouwen om. En toch is er een man in mijn leven geweest van wie ik diep, intens en best lang heb gehouden. Wat is er toch gebeurd in mijn bestaan.
Eva Verstoep : En toen ging u nadenken over de Ware Liefde. Voordat we verder gaan met die vraag: gelooft u in een God die het antwoord daarop weet?
Astrid H. Roemer : Ik geloof niet in een gepersonifieerde god. Ik geloof wel, met alle twijfels en met hulp van de natuurwetenschappen, in een ‘scheppende god' (lees: ‘onontkoombaarheid van de evolutie': G.O.D). In ‘een god' die kwaliteiten bezit, welke ik als nederig mens, als ‘schepsel', niet kan benoemen, niet onder woorden kan brengen; dan slechts woorden kan gebruiken die bij mijn planeet AARDE horen en bij de ‘menselijke soort'.
Eva Verstoep : Maar is het ‘Iemand' die verstand zou kunnen hebben van Ware Liefde?
Astrid H. Roemer: Ik heb voor mezelf de constructie gemaakt, dat als Ware Liefde toch IETS is – en dat ervaar ik persoonlijk en zie ik ook om me heen – IETS wat het leven een soort schwung geeft. IETS wat mensen zoeken en waar men voortdurend mee bezig is, dan moet dat verschijnsel, dat IETS, deel uitmaken van bestaanscondities die niet wij hebben bedacht. Ware Liefde is niet IETS, wat wij mensen hebben uitgevonden. Ware Liefde heeft dus volgens mijn redenering iets te maken met die ‘scheppende god'.
Eva Verstoep: Hoe verhoudt u zich eigenlijk tot God. Stelt u Hem wel eens vragen? Bidt u, bij voorbeeld?
Astrid H. Roemer : Bidden is voor mij heel lang iets geweest van bestaande gebeden prevelen. Tot ik vond dat ik zo geen Ware Liefde voelde. Geen echt contact heb of had…
Eva verstoep: In uw autobiografie vertelt u ook ….U zingt soms luid liederen uit (liedbundel) Johannes de Heer….en u zegt 's ochtends soms een psalm: wat bij voorbeeld?
Astrid H. Roemer: Psalm 23. ‘De Heer Is Mijn Herder'. Is een psalm die ik zeg vanaf mijn 14 de of 15 de levensjaar. Het eerste wat mij te binnen schiet als ik 's ochtends wakker ben en bij mezelf. Ook voor het slapen gaan zeg ik de psalm.
Eva Verstoep: Dat is een vertrouwde gewoonte van jongs af, zegt u. Maar hij werkt niet meer?
Astrid H. Roemer : De psalm werkt wel. Is een enorme opkikker, een drive: een soort ontbijt om de nieuwe dag mee te starten. En een soort warme overtrek waarmee ik de nacht in ga. Op een gegeven moment vond ik deze wijze te makkelijk…
Eva Verstoep : U wou iets moeilijks?
Astrid H . Roeme r: Niet iets moeilijks. Ik wou contact. Ik wilde IETS voelen…
Eva Verstoep ; En hoe heeft u het gedaan?
Astrid H . Roemer : Door compleet stil te zijn. En zonder woorden IETS te denken. IETS te voelen van: G.O.D., ik maak altijd contact, als u op de een of andere manier ergens bent, desnoods als atomen van water, wind, energie: maak dan contact met mij. Eigenlijk was het een kwestie geworden van: HIER BEN IK…
Eva Verstoep : En wat gebeurde er?
Astrid H . Roemer : Wat gebeurt als je lang staat onder de douche? Een wandeling maakt? GOED VOELEN. Ja. Ik voelde me goed. Blij. Sterk.
Eva Verstoep: Merkte u iets van contact?
Astrid H. Roemer : Het zou aanmatigend zijn om hier ‘ja' op te zeggen. Maar deze houding van ‘contact willen', ‘contact zoeken' en ‘om contact vragen', is wel heel wat meer bevredigend dan het prevelen van bestaande gebeden.
Eva Verstoep : Gaan we terug naar de vraag in uw autobiografie. Even kijken hoever we daarmee kunnen komen. En dan aan de hand van uw eigen ervaring, zoals u dat in uw boek ook doet. U zei net al: u heeft jaren een verhouding gehad met een man. Bill genoemd. Dat was Ware Liefde?
Astrid H . Roemer : Voor mij wel. Omdat het een liefde was, die spontaan is geweest. Ik had daarvan geen plaatje in mijn hoofd. Omdat het allemaal onontkoombaar was: een gebeurtenis die mij zeer diep heeft geraakt als meisje. Als jonge vrouw.
Eva Verstoep ; U was nog heel jong...
Astrid H . Roemer : Ik was 18...
Eva Verstoep : Maar u voelde meteen: dit is Ware Liefde?
Astrid H . Roemer : Uiteraard niet. Ik dacht niet eens na over wat het was. Ik vond het heerlijk. Het was alsof het universum tot leven kwam toen ik hem zag. Het was feestelijk.
Eva Verstoep : Maar Bill koos ervoor om bij zijn eigen vrouw te blijven. En hij bedonderde u ook nog, geloof ik. Dat moet pijnlijk geweest zijn.
Astrid H . Roemer : Bill heeft nooit een keuze daaromtrent gemaakt. En ik wist dat hij een echtgenote had.
Eva verstoep : Maar die heeft hij niet in de steek gelaten…
Astrid H . Roemer: Maar dat zou ik ook onverdraaglijk vinden. Dus dat was, wat mij betreft: niet im frage . Daarom denk ik dat mijn gevoelens Ware Liefde betroffen. Het was geen calculerend gevoel. Het was houden van die MENS. En dat hij getrouwd was, ruim 10 jaar ouder was en 3 jonge kinderen had…
Eva Verstoep : Speelde dat dan geen rol?
Astrid H . Roemer : Ik ben mij pas nadat de verhouding voorbij was daarmee bezig gaan houden. Tijdens onze verhouding heb ik nooit een poging gedaan, nooit zoiets gevoeld, nooit de intentie gehad ook om iets van strijd te hebben met de elementen die hoorden bij zijn leven.
Eva Verstoep ; Maar is Ware Liefde niet exclusief?
Astrid H . Roemer ; Juist wel. Ja.
Eva Verstoep : Maar Bill had toch al iemand?!
Astrid H. Roemer : Juist daarom zou u betreffende vraag bij hem moeten droppen zo van: Is Astrid Voor Jou Ware Liefde Geweest?! Het antwoord weet ik niet. Wat ik wel weet, is dat hij er gedurende onze verhouding altijd was voor me. Een dergelijke vraag kwam niet op bij me en die heb ik hem dus nooit gesteld. Maar gezien de risico's die hij nam vanwege zijn verhouding met mij, het was geen geheimgehouden relatie (en hij was een man van stand)…nou, dan moet ik voor hem best veel hebben betekend.
Eva Verstoep : Hoe is het opgehouden dan?
Astrid H . Roemer : Achteraf gezien is het een beetje kinderachtig geweest van mij. Op een gegeven moment heb ik Suriname en hem plotseling verlaten om aan een boek te gaan schrijven (in Nederland). Mijn eerste roman. Hij was erop tegen dat ik ging. Ik bleef een klein jaar weg, kwam terug en toen bleek een bloedmooie vrouw aanhoudend verliefd te zijn op hem. Zij drong zich ook aan mij op. Hij ontkende. Ik dacht: wat zich ook mag hebben afgespeeld tijdens mijn afwezigheid: ik ga weer weg! Misschien kinderachtig. Ik ben nogal idealistisch wat Ware Liefde betreft. Voor mij betreft Ware Liefde IETS van Waarheid-Schoonheid-Goedheid. Zo'n incident hoorde daar niet bij. Dus, tot groot verdriet van hem heb ik besloten de relatie tussen ons te verbreken. Het beëindigen heeft 6 jaar geduurd. Het ging niet makkelijk. Maar ik wist meteen dat het voor mij definitief voorbij was.
Eva Verstoep : Weet u wat ik zo wonderlijk vind? Dat u het niet een probleem vond dat hij getrouwd was en dat feit dus niet als ‘lichamelijke ontrouw' beschouwde…
Astrid H . Roemer : Niet ik was met hem getrouwd. Hij was met een andere getrouwd. En ik vermoed dat die andere (vrouw) dat wel als lichamelijke ontrouw heeft ervaren…
Eva Verstoep : Zit u daar dan niet mee?
Astrid H . Roemer : Hij was een betrouwbare man. Zo open in de relatie, dat toen hij tegen me zei: Ik heb een goede reden om zo te leven en jij hoeft je daarin nooit schuldig te voelen, want dat valt in mijn relatie met God – hij was een religieuze man – dacht ik: Ik moet het laten bij hem!
Ook omdat ik nooit eerder en trouwens ook niet daarna zo naïef heb gehouden van iemand. Voor mij is hij nog steeds: De Man Van Mijn Leven….
Eva Verstoep : Heeft u spijt dat u bij hem weg bent gegaan?
Astrid H . Roemer : (na lange stilte) Als ik bij hem was gebleven had ik wellicht niet de boeken geschreven die ik heb geschreven, vast andere. Maar, er is nooit meer zo iemand in mijn leven geweest. Iemand met wie ik alles kon delen. Ik weet zeker, dat de diepte die ik voel bij het schrijven, dat de warmte die ik beleef en het feit, dat ik het heerlijk vind om voor het blanke papier te zitten en steeds opnieuw te beginnen….ja, dat alles heeft iets te maken met hoe ik mij heb verhouden tot het feit, dat er IETS voorbij is…wat heel groot was….
Eva verstoep : Schrijven is dus in de plaats gekomen van de ‘grote liefde'?
Astrid H . Roemer : …Ja….: ik vermoed, dat ik niet zoveel diepte, zoveel tijd en zoveel van alles zou stoppen in het schrijven…als hij er zou zijn (in mijn bestaan)…
Eva Verstoep : U zei net al, dat Ware liefde niet wederzijds hoeft te zijn…kan dat ook betrekking hebben op dingen…op landen….u heeft bij voorbeeld ooit een keer gezegd: Ik ben getrouwd met Suriname….
Astrid H . Roemer : ….en Nederland is mijn minnaar. Nee, ik ben nooit nationalist geweest. En Suriname ben ik steeds meer gaan ervaren, als een strook grond daar in Zuid Amerika, die wij van anderen hebben gehad, noodgedwongen. De natuur van Suriname spreekt mij evenveel aan als de natuur overal elders. Als Suriname iets voor me betekent, dan heeft de betekenis een historische connotatie. Of omdat er nog familie van mij woont. Maar niet vanwege ‘het land' an sich …!
Eva Verstoep : Het heeft dus niet echt met liefde te maken?
Astrid H . Roemer : Nee, nee. Neen.
Eva Verstoep :…Omdat u die metafoor gebruikt…
Astrid H . Roemer : O, die metafoor verwijst naar iets anders. Een soort knoop waarin je raakt in de diaspora. Ik woon in Nederland, houd van Nederland, mis Nederland wanneer ik erbuiten ben en tegelijkertijd verlang ik naar Suriname. Om deze verwarrende gevoelens (van toen!) helder met de buitenwereld te communiceren, heb ik voor de metafoor gekozen. (‘ Met Suriname ben ik getrouwd. Nederland is mijn minnaar. Met Afrika heb ik een homoseksuele relatie. En met elk ander land ben ik bereid slippertjes te maken' 1982)
Eva Verstoep : U heeft in uw werk vaak geschreven over de ‘decembermoorden'. Bent u blij met het (aanstaande!) proces tegen Bouterse?
Astrid H. Roemer: Volgens mij ben ik de enige Surinamer die een gedegen actueel (en fictief) werk heb geschreven met betrekking tot die zaak. Het zijn zelfs 3 romans samen 1000 pagina's. Mijn Suriname-Nederland trilogie...
Eva Verstoep: Daarin heeft u het bij voorbeeld gehad over een tribunaal?
Astrid H. Roemer :….Ja, en ik heb geprobeerd duidelijk te maken, hoe ik vind, dat de zaak aangepakt zou kunnen worden. Maar ik doe dat dan ook met grote schroom, want ik woon niet in Suriname. Ik woon al 38 jaar in Nederland. Dus…vind ik…dat Surinamers daar maar zelf moeten zien hoe ze daarmee klaar komen…
Eva Verstoep: Ik hoorde straatinterviews. Mensen hebben er niet veel zin in. Begrijpt u dat? Het hele proces schijnen ze niet belangrijk te vinden. Of is dat niet waar?
Astrid H. Roemer : Ik weet het niet. Ik heb een soort vermoeden, dat mensen daar willen dat hun bestaan beter wordt. En ze vragen zich af of dat proces voor het sociaal-economische leven verbetering zal opleveren merkbaar in hun persoonlijke bestaan..
Eva Verstoep: U vindt het proces wel belangrijk toch?
Astrid H. Roeme r: Ja. Ik vind, maar ik zeg het weer met grote schroom want ik woon niet daar en ben niet van plan er te gaan wonen ook, ik vind het belangrijk voor een volk, een gemeenschap – en Suriname heeft maar een kleine gemeenschap – dat als iets zo traumatisch en ingrijpends plaats vindt, dat het voor alle betrokkenen beter is, en op z'n minst ‘goed', om in een proces de zaak door te praten….
Eva Verstoep: En zal Suriname daar beter van worden?
Astrid H. Roemer : ….Er is een groot probleem met mijn geboorteland. En slechts door zolang weg te zijn, er zo lang over te denken en mijn gedachten te bevoelen, ben ik erachter gekomen, dat – in mijn autobiografie is te lezen hoe ik op een bepaalde manier afstand heb genomen van het grondgebied ‘Suriname' – dat zo'n strook kustland, eigenlijk een stuk amazone oerwoud, met een volk van verschillende etniciteiten en alle met een traumatische herkomstgeschiedenis en waarvan de helft blijvend woont en leeft in een hoogontwikkeld en rijk land (Nederland)…het lijkt welbeschouwd onmogelijk om tot natievorming te komen. Maar daarvoor is Suriname ook niet bedoeld geweest. Het grondgebied had een plantage-bestemming: geld maken en wegbrengen naar Holland. Hoe gooi je politiek gezien het roer om?
Surinamers zouden de koppen bij elkaar moeten steken en besluiten – en het klinkt vast heel fictief wat ik beweer - : Nederland, neem je grondgebied terug en biedt ons de ruimte naar elders te verhuizen of – indien we dat willen – deel uit te maken van iets anders; bij voorbeeld: Suriname als natuurreservaat …
Geen enkele partijpolitiek zal binnen afzienbare tijd iets behoorlijks kunnen maken . De condities ontbreken compleet.
Eva Verstoep: Denkt u dat er veel mensen zijn in Suriname die er zo over denken?
Astrid H. Roemer : Ik ken niemand in Suriname die er zo over denkt! Maar als ik kijk naar hoe personen handelen, luister naar wat ze zeggen, zie hoe hun leven is ingericht: dan liggen dergelijke gevoelens en gedachten eronder…de jongeren willen nagenoeg allen naar het buitenland om er te studeren en te werken. Ouderen willen rentenieren en komen sterven in hun ‘switi sranan'. Maar werken aan de opbouw van een bloeiende natie? Ik zie er niets van…
Eva Verstoep : Hoe reageren mensen erop als u zulke dingen zegt?
Astrid H. Roemer : Surinamers in Nederland zeggen: Je hebt gelijk. Ik ben lang niet naar Suriname geweest en heb dergelijke gedachten daar niet kunnen uitproberen.
Eva Verstoep : U heeft ook jarenlang een liefdesrelatie gehad met een vrouw. U woonde met haar samen. Was dat Ware Liefde?
Astrid H. Roemer : Volgens mij komt Ware Liefde slechts 1 keer langs in een mensenleven…als je geluk hebt kun je haar beleven….
Na Bill kon er voor mij geen andere man zijn. Maar het vuur om ‘waarachtig lief te hebben' is blijven branden. En, op een gegeven moment heb ik me veilig gevoeld bij vrouwen. Daarbij lag een liefdesrelatie met een vrouw compleet buiten mijn horizon. Toch is het gebeurd.
Maar zij…ik heb me te laat gerealiseerd, dat ze veel op Bill lijkt…en dat het was voor mij…alsof Bill er weer was…ze riep reflecties op van mijn verhouding met hem. Ik was verschrikkelijk verliefd en erg blij met haar. Maar de verhouding is niet voortgekomen uit een soort gevoel van: Ik wil een relatie hebben met een vrouw!
Eva Verstoep : Betekent dat voor u, dat Ware Liefde met een vrouw niet kan?
Astrid H. Roemer : Wat mijzelf betreft…als Ware Liefde een gebeurtenis is als een blikseminslag eens in een mensenleven…dan….Ach, laat me deze vraag over 20 jaar beantwoorden. Ik was zeer verliefd op de vrouw met wie ik kort heb samen gewoond maar om dat Ware Liefde te noemen…in termen van een diepe, seksuele relatie ook…nee…
Eva Verstoep : Ware Liefde en seksualiteit horen bij elkaar voor u?
Astrid H. Roemer : Ware Liefde is voor mij een speciale gebeurtenis. Daarbij hoort ook een diep verlangen om je te verbinden met de geliefde…sociaal, geestelijk, lichamelijk….enzovoort…
Eva Verstoep : Dus Ware Liefde en seksualiteit horen bij elkaar?
Astrid H. Roemer : Ja.
Eva Verstoep : Ik las ook in uw boek: een echtpaar is eigenlijk een man en een vrouw en dan verwijst u naar de schepping…
Astrid H. Roemer : Ja. En daar blijf ik bij. Een echtpaar is voor mij een organisch paar. En dat bestaat voor mij uit een manlijk lichaam dus een man en een vrouw.
Eva Verstoep : Maar Ware Liefde kan wel tussen homoseksuelen?
Astrid H. Roemer : Ja. En ik verwijs naar de schepping ( lees: evolutie ). Als een man heel veel houdt van een andere man of een vrouw van een vrouw, en dat beschrijft, op een manier waarop ik herken mijn eigen connotaties met betrekking tot Ware Liefde…dan zal ik niet ontkennen dat betreffende personen door Ware Liefde zijn getroffen…Alleen merk ik daarbij op…: tja…er wordt te weinig nagedacht en gepraat over wat homoseksualiteit werkelijk zou kunnen zijn. Homoseksualiteit wordt volgens mij te veel gezien als een bestaande seksualiteit ‘naast' en ‘gelijkwaardig' aan de heteroseksualiteit. En daar ben ik het niet mee eens…
Eva Verstoep : Dat is nogal wat: jaren heeft u te boek gestaan als ‘lesbische vrouw' en u bent als zodanig omarmt door de vrouwenbeweging….die zullen niet blij zijn…
Astrid H. Roemer :….Ben mij nimmer bewust geweest van wat u beweert ( noot: en het is feitelijk beslist onwaar!) Maar begrijp me niet verkeerd. Ik ben niet tegen homoseksualiteit. Homoseksualiteit gebeurt. Is ook iets wat wij mensen niet hebben uitgevonden. Het verschijnsel maakt deel uit van de evolutie. Zo zouden we ernaar moeten kijken ( noot: om het te begrijpen en te integreren in ons bestaan en in onze cultuur).
Eva Verstoep : Het boek eindigt op het moment dat u weer op u zelf woont. ‘Alleen' en wel in ‘paradijselijke eenzaamheid'. Vanwaar ‘paradijselijk'?
Astrid H. Roemer : …vraagt u spottend (lacht). Behalve dat het zo voelt is het gevoel ook metaforisch uitgedrukt en wederom verwijzend naar het ‘scheppingsverhaal' in het Oude Testament. Luister: Er was 1 MENS en G.O.D was aanwezig. Weliswaar niet zichtbaar maar wel aanwezig bij die Mens. En, volgens het verhaal, hield G.O.D van die MENS en had G.O.D zelfs een verhouding met die MENS, ADAM genoemd. G.O.D had liever dat die MENS ook een verhouding aanging met G.O.D. Wat mij betreft: ik voelde me – en in abstracte zin voel ik me nog steeds zo – ik voelde me dus in die woning die ik totaal had laten restaureren – zo in een staat van: HIER BEN IK EN IK BEN EEN GELIEFD MENS! Ik ben ‘eenzaam' maar in verbinding met ‘mijn schepper' ( lees: ‘de wording van de wereld' ). IK BEN GELIEFD!
Eva Verstoep : Ik las in uw boek dat u God weleens heeft gevraagd hebt, of het okay is dat u zo alleen bent…
Astrid H. Roemer : Ik voelde me zo compleet gelukkig. Zo heerlijk. Sinds de breuk met Bill in 1977 had ik mij niet meer 100% gelukkig gevoeld. En dan daar in mijn woning in Den Haag ( lees: Loosduinen-Kijkduin 1996 ) voel ik mij weer compleet heerlijk. Naar mijn gevoel en idee had ik de relatie met die vrouw, met wie ik kort had samengewoond, netjes beëindigd! Ik dacht: in het bijbelverhaal voelt die MENS in zijn paradijs zich toch eenzaam en vraagt G.O.D om een partner. Maar ik voelde dat niet. Ik voelde mij HEEL. GEHEELD… En ik vroeg me af of ik zo gelukkig mocht zijn…
Eva Verstoep : En het antwoord?
Astrid H. Roemer : Het is een vraag (gebleven)! Ik weet het antwoord echt niet. Ik denk dat het niet waar is, dat een persoon per se met een partner moet leven. Er zijn ook personen die een volmaakt bestaan leven: alleen! ( noot: in de literatuur is veel geschreven over dit soort karakters genoemd: loners, enkelingen, einzelgangers enzovoort).
Eva Verstoep : En dat leven heeft u nu…u woont weliswaar niet meer in dat mooie (gerestaureerde) huis in Den Haag maar op een flatje te Rijswijk…
Astrid H. Roemer : Ja. Ik bivakeer hier wat. In overdrachtelijke zin leid ik nog steeds dat ‘paradijselijke leven'. Ik verlang niet naar een partner. Ik werk wat en geniet van wat er is. Ik bedoel: ik word niet voortgedreven door mijn verlangen naar een partner…
Eva Verstoep : Stel, God hoort uw vraag namelijk: ‘een relatie houdt op terwijl Ware Liefde doorgaat'; hoe hoopt u dat Hij daarop zal reageren…in welke richting zou het antwoord gaan van ‘de god waarin u gelooft'?
Astrid H. Roemer : Nogmaals. Ik vind het moeilijk om G.O.D te personifiëren.
Maar ik ben geneigd te zeggen: dat, je als mens moet proberen om met alles zorgvuldig om te gaan. En, dat ‘LEVEN' is: in de waarheid van je zelf komen'.
Stel, ik zou heel veel houden van iemand en die persoon zou stappen uit de relatie met mij en uiteraard zou ik er veel pijn bij voelen. Maar: ik zou de geliefde laten gaan en de geliefde een heerlijk nieuw bestaan toe wensen met een heerlijke nieuwe partner. Alles zou ik doen om de ander vrij te laten…
Eva Verstoep : Dat is Ware Liefde?
Astrid H. Roemer : Ja. Zo is mijn Ware Liefde!
…………… IKON op Zondagavond. Voor het eerst uitgezonden op 23-01-200 5